Groente kweken in een kas doe je door de gewassen af te stemmen op het seizoen. In het vroege voorjaar kun je bijvoorbeeld sla en spinazie telen. In de zomer is de kas geschikt voor warmteminnende groenten zoals tomaten, paprika’s en komkommers. Geef de planten voldoende ruimte, water en frisse lucht.
Een onverwarmde kas beschermt tegen wind en regen en warmt op zonnige dagen snel op. Maar ook in een kas kan het vriezen. De temperatuur en de hoeveelheid licht bepalen daarom wanneer je kunt zaaien, planten en oogsten.
Welke groenten groeien goed in een kas?
Vooral vruchtgroenten profiteren van de warmte en beschutting in een kas. Bladgroenten zijn juist handig om de ruimte te gebruiken wanneer het voor deze zomergewassen nog te koud is.
- Voor het vroege voorjaar: sla, spinazie, raapsteel en radijs. Deze groenten kunnen beter tegen koel weer dan vruchtgroenten.
- Voor de warme maanden: tomaten, paprika’s, pepers, aubergines en komkommers. Ze hebben warmte nodig om goed te groeien en vruchten te vormen.
- Voor het najaar en de winter: veldsla, winterpostelein en geschikte rassen spinazie. Zaai ze bij voorkeur al in het najaar, zodat ze kunnen groeien voordat de dagen erg kort worden.
Je hoeft niet voor elke groente een plek in de kas vrij te houden. Veel soorten groeien buiten ook goed. Gebruik de beschutte ruimte vooral voor gewassen die baat hebben bij extra warmte of die je vroeg of laat in het seizoen wilt oogsten.
Groente kweken in een kas door het jaar heen
Door gewassen na elkaar te telen, benut je dezelfde grond meerdere keren. De precieze timing hangt af van het weer, het ras en de temperatuur in de kas.
- Vroege voorjaar: zaai bladgroenten en andere soorten die tegen kou kunnen. Een zonnige dag kan de grond opwarmen, maar koude nachten vertragen de groei.
- Late voorjaar: oogst de vroege groenten en maak plaats voor jonge vruchtgroenten. Zet warmteminnende planten pas in een onverwarmde kas als de nachten voldoende zacht zijn en er geen vorst meer wordt verwacht.
- Zomer: verzorg en oogst de vruchtgroenten. Geef hoge planten steun en voorkom dat ze elkaar te veel licht afnemen.
- Najaar: haal uitgebloeide zomergewassen weg en zaai of plant geschikte bladgroenten voor de koudere maanden.
- Winter: oogst wat in het najaar is gegroeid. Door kou en weinig licht gaat de groei langzaam en kan die tijdelijk stilstaan.
Een onverwarmde kas is geen garantie voor een winteroogst. Bij strenge vorst kan het ook binnen vriezen. Vliesdoek over kwetsbare planten biedt extra bescherming, maar houdt niet alle kou tegen.
Zo deel je de kas in voor groenten
Begin met de planten die de meeste ruimte nodig hebben. Hoge vruchtgroenten kun je langs een rand plaatsen en met stokken of touw ondersteunen. Laat een pad vrij zodat je overal bij kunt om water te geven en te oogsten.
Gebruik de ruimte tussen jonge, grotere planten tijdelijk voor snelgroeiende bladgroenten. Oogst die voordat de grotere planten het licht wegnemen. Zet planten niet te dicht op elkaar: bladeren die lang vochtig blijven, zijn gevoeliger voor schimmel.
Je kunt in de kas in de grond telen of potten en bakken gebruiken. In de grond droogt de aarde meestal minder snel uit. Potten zijn makkelijk te verplaatsen, maar vragen vooral bij warm weer vaker water. Schappen zijn handig voor jonge planten, zolang ze de groenten eronder niet te veel schaduw geven.
Water geven en luchten tijdens de teelt
In een kas krijgen planten geen regenwater. Voel daarom regelmatig aan de grond. Is de bovenlaag droog en voelt de grond daaronder ook droog aan, geef dan water bij de voet van de plant. Zo komt het water bij de wortels en blijven de bladeren zo veel mogelijk droog.
Geef liever goed water dan steeds een klein beetje op het oppervlak. Jonge zaailingen hebben wel een gelijkmatig vochtige grond nodig en kunnen uitdrogen als je te lang wacht. Potten en bakken drogen sneller uit dan de volle grond.
Op een zonnige dag kan het in een kas snel erg warm worden. Open ramen of de deur om warmte en vocht af te voeren. Luchten helpt ook om bladeren sneller te laten drogen. Sluit de kas op koude avonden weer om warmte langer vast te houden, zonder ervan uit te gaan dat de planten daarmee vorstvrij blijven.
Bodem en planten gezond houden
Werk voor een nieuwe teelt wat rijpe compost door de bovenlaag. Daarmee verbeter je de structuur van de grond. Vruchtgroenten verbruiken tijdens hun groei voedingsstoffen; geef zo nodig voeding die past bij het gewas. Te veel voeding is niet beter en kan de groei uit balans brengen.
Gebruik je de kasgrond jaar na jaar voor dezelfde groenten, dan kunnen ziekten en plagen zich makkelijker opbouwen. Wissel gewassen waar mogelijk af en verwijder zieke bladeren en plantenresten. Kijk tijdens het water geven ook onder de bladeren. Zo zie je bladluizen, witte vlieg of spint vaak voordat de aantasting groot wordt.
Wordt een plant erg dicht, haal dan beschadigd of ziek blad weg. Laat gezonde bladeren zo veel mogelijk zitten: de plant gebruikt ze om te groeien en vruchten te maken.
Van bloem naar oogst in een kas
Bij vruchtgroenten moet een bloem meestal worden bestoven voordat er een vrucht ontstaat. Tomaten kunnen zichzelf bestuiven; een zachte tik tegen de steun kan helpen om het stuifmeel los te maken. Openingen in de kas geven insecten toegang tot bloemen die bestuiving nodig hebben.
Niet elke komkommer heeft bestuiving nodig. Sommige kasrassen vormen juist vruchten zonder bestuiving. Volg daarom bij het kiezen en verzorgen van planten de aanwijzingen die bij het ras horen.
Oogst bladgroenten zodra ze groot genoeg zijn om te eten. Bij vruchtgroenten laat je de vruchten rijpen volgens de eigenschappen van het ras. Regelmatig oogsten maakt ruimte voor nieuwe groei en voorkomt dat rijpe vruchten te lang aan de plant blijven hangen.
Veelgestelde vragen over groenten in de kas
Kun je het hele jaar groenten in een onverwarmde kas kweken?
Je kunt de kas het hele jaar gebruiken, maar de groei staat in de winter vaak bijna stil. Winterharde bladgroenten die je in het najaar zaait, zijn dan geschikter dan warmtebehoevende vruchtgroenten.
Wat zijn makkelijke groenten om mee te beginnen?
Sla en spinazie zijn bruikbare keuzes voor een koele periode. In de zomer kun je beginnen met een paar jonge vruchtgroenteplanten. Zo leer je hoeveel water en ruimte ze in jouw kas nodig hebben.
Waarom worden bladeren geel?
Dat kan verschillende oorzaken hebben, zoals te veel of te weinig water, een tekort aan voeding of aantasting door een plaag. Voel eerst aan de grond en bekijk ook de onderkant van de bladeren voordat je iets aanpast.
Begin met een paar soorten die je graag eet en noteer wanneer je ze zaait en oogst. Zo ontdek je welke groenten het op de plek van jouw kas goed doen en wanneer er ruimte vrijkomt voor een volgende teelt.