Ga je je huis verkopen, verhuren of flink verbouwen? Grote kans dat je dan een energielabel nodig hebt. Zo’n label regel je niet even online. Er komt een adviseur bij je langs, die je woning bekijkt en het label daarna officieel registreert. Klinkt als gedoe, maar als je weet hoe het werkt, valt het reuze mee.
In dit artikel lees je wanneer een energielabel verplicht is, wie het mag maken en hoe de opname bij je thuis verloopt. Je krijgt ook tips om de opname goed voor te bereiden, zodat je label niet slechter uitvalt dan nodig. Tot slot lees je wat je kunt doen als je het niet eens bent met de uitkomst.
Wanneer heb je een energielabel nodig?
Een energielabel laat zien hoe energiezuinig je woning is. De schaal loopt van A++++ (heel zuinig) tot G (heel onzuinig). Hoe minder fossiele energie je huis nodig heeft, hoe beter de letter.
Je bent verplicht om een geldig label te hebben als je een woning verkoopt of opnieuw verhuurt. Bij een nieuwbouwwoning regelt de bouwer het label bij de oplevering. Sinds 29 mei 2026 is dat rijtje langer geworden. Ook monumenten hebben nu een label nodig bij verkoop of verhuur. Daarnaast moet je een label aanvragen bij een grote renovatie, als die 25 procent of meer van de woninginhoud betreft, en bij het verlengen of vernieuwen van een huurcontract.
Zet je je huis via een advertentie te koop of te huur? Dan moeten de labelletter en het energiegebruik per vierkante meter daar ook in staan. Heb je geen geldig label terwijl het wel verplicht is, dan riskeer je een boete.
Goed nieuws: een energielabel is tien jaar geldig. Heb je nog een label van vóór 29 mei 2026? Dan blijft dat gewoon geldig tot de datum die erop staat. Labels die sindsdien zijn geregistreerd, hebben wel een nieuw ontwerp met meer informatie over je woning.
Wie mag jouw energielabel maken?
Niet iedereen mag zomaar een energielabel opstellen. Dat mag alleen een vakbekwame energieprestatie-adviseur, kortweg EP-adviseur. Die heeft een opleiding gevolgd, een examen gehaald en moet elk jaar verplicht bijscholen.
Een diploma alleen is niet genoeg. De adviseur moet ook werken volgens een strenge beoordelingsrichtlijn, de BRL 9500. Daarvoor zijn twee routes: de adviseur laat zich zelf certificeren, of sluit zich aan bij een gecertificeerde koepelorganisatie.
Veel zelfstandige adviseurs kiezen voor die tweede route. Ze registreren hun labels dan via een energielabel koepel, die het certificaat beheert en de kwaliteit bewaakt met onder meer dossiercontroles en audits. Voor jou als huiseigenaar is dat eigenlijk best fijn. Er kijkt altijd een tweede partij mee of je label volgens de regels is gemaakt.
Mijn tip: vraag bij de offerte gewoon even onder welk certificaat de adviseur werkt. Een serieuze adviseur kan je dat meteen vertellen.
Zo verloopt de aanvraag stap voor stap
Het hele traject bestaat uit drie stappen. Je bent er zelf niet heel veel tijd mee kwijt.
Stap 1: Een adviseur kiezen
Vraag bij een paar adviseurs een offerte aan en vergelijk die. De prijs hangt onder meer af van het type woning en de adviseur zelf. Meestal ben je een paar honderd euro kwijt. Kijk niet alleen naar het bedrag, maar ook naar hoe snel iemand kan komen en of de opname en de registratie allebei in de prijs zitten. Ben je akkoord met de offerte? Dan plan je een afspraak voor de opname.
Stap 2: De opname bij je thuis
De adviseur komt langs om je woning op te nemen. Reken op ongeveer anderhalf tot twee uur. Je moet zelf thuis zijn tijdens de opname, dus kies een moment dat jou goed uitkomt.
Tijdens het bezoek meet de adviseur je woning op. Daarnaast bekijkt de adviseur onder andere de isolatie van het dak, de gevels en de vloer. Ook het glas, de verwarming, de ventilatie en eventuele zonnepanelen komen aan bod. Zorg dat de adviseur makkelijk bij de meterkast, de zolder, de kruipruimte en de cv-ketel of warmtepomp kan. Een volle zolder waar je eerst een halfuur moet sjouwen, scheelt niemand tijd.
Stap 3: Berekening en registratie
Na het bezoek voert de adviseur alle gegevens in een goedgekeurd rekenprogramma in. Dat programma berekent je labelklasse. Het gaat daarbij uit van een gemiddeld aantal bewoners en het gemiddelde Nederlandse klimaat. Je label zegt dus iets over je huis, niet over hoe lang jij doucht of hoe vaak de wasmachine draait. Daarom is het energiegebruik op je label ook niet hetzelfde als op je energierekening.
Daarna registreert de adviseur het label in de landelijke database van de overheid. Jij krijgt een digitale kopie als pdf. Bewaar die goed, al is de registratie in de database altijd leidend.
Wat leg je klaar voor de adviseur?
Dit is misschien wel het belangrijkste deel van het hele traject. De adviseur rekent alleen met wat er te zien is of wat jij kunt aantonen. Ontbreekt het bewijs, dan gaat de adviseur uit van voorzichtige standaardwaarden die horen bij het bouwjaar van je huis. Heb je de spouwmuur laten isoleren, maar is dat nergens te zien en heb je geen factuur? Dan telt die isolatie mogelijk niet mee en valt je label slechter uit dan nodig.
Leg daarom vooraf een map klaar, op papier of digitaal. In de tabel hieronder zie je wat handig is om bij de hand te hebben.
| Onderdeel | Wat je klaarlegt |
|---|---|
| Isolatie | Facturen of offertes van dak-, spouwmuur- of vloerisolatie, bouwtekeningen waarop de dikte van de isolatie staat en foto’s die tijdens het werk zijn gemaakt. |
| Glas | Bewijs dat je HR++-glas of triple glas hebt, zoals een factuur. Vaak staat er ook een code op de afstandhouder tussen de glasplaten. |
| Verwarming | De factuur of het typeplaatje van je cv-ketel, of de gegevens van je warmtepomp. |
| Zonnepanelen | De factuur met het aantal panelen, het merk, het type en het totale vermogen in wattpiek. |
| Ventilatie | Gegevens van je mechanische ventilatie of je wtw-installatie. |
| Plattegronden | Bouwtekeningen of plattegronden van je woning. |
Heb je zelf geïsoleerd en geen factuur meer? Een foto van de verpakking van het isolatiemateriaal, waarop de Rd-waarde staat, kan ook helpen. De meeste papieren heb je waarschijnlijk al ergens in een la of mailbox liggen. Even zoeken loont, want een betere labelletter is nooit weg.
Na de registratie: wat nu?
Je label is binnen. Toch zijn er nog een paar dingen die handig zijn om te weten.
Je label opzoeken
Je label staat in de landelijke database van de overheid. Iedereen kan daar per adres nakijken of een woning een geldig label heeft. Op het label zelf staat tot wanneer het geldig is. Ben je van plan om over een paar jaar te verhuizen? Zet die datum dan even in je agenda.
Niet eens met de uitkomst?
Valt je label lager uit dan je had verwacht? Neem dan eerst contact op met de adviseur die het label heeft geregistreerd. Leg uit waarom je denkt dat het niet klopt, bijvoorbeeld omdat je isolatie niet is meegenomen. Mogelijk krijg je dan een nieuw of aangepast label. Kom je er samen niet uit, dan is er een officiële klachtenprocedure. Die kun je gebruiken als je label maximaal drie jaar oud is en na 29 mei 2023 is geregistreerd.
Verbouwd? Soms kan het zonder nieuwe opname
Heb je kort na de opname iets aan je huis verbeterd? Dan hoeft er niet altijd opnieuw iemand langs te komen. Bij eenvoudige vervangingen kan de adviseur je label op afstand aanpassen. Denk aan enkel glas dat plaatsmaakt voor HR++-glas, of een oude cv-ketel die wordt vervangen door een hr-ketel zonder dat er verder iets aan je verwarming verandert. Dit heet herlabelen. Het kan tot 24 maanden na de oorspronkelijke opname en wordt gedaan door de adviseur die het eerste label heeft geregistreerd. Let op: je nieuwe label houdt dezelfde geldigheidsdatum als het oude.
Bij grotere ingrepen, zoals een aanbouw of een dakkapel, werkt dit niet. Dan is een nieuwe opname nodig.
Kort samengevat
Een energielabel aanvragen is dus geen hogere wiskunde. Kies een vakbekwame adviseur, zorg dat je bewijs op orde is en wees thuis tijdens de opname. Dan heb je een label dat klopt en waar je tien jaar mee vooruit kunt.