Je trap plamuren doe je door gaatjes en beschadigingen eerst schoon te maken, ze met een geschikte houtplamuur te vullen en na droging glad te schuren. Gebruik op de treden een product dat geschikt is voor belaste houten oppervlakken. Zo voorkom je dat de reparatie snel weer beschadigt.
Plamuur is bedoeld voor kleine beschadigingen, niet om een losse of verzwakte trede te verstevigen. Repareer zulke problemen eerst voordat je de trap afwerkt.
Welke plamuur gebruik je voor een houten trap?
Voor kleine spijkergaatjes en ondiepe krasjes in de zijkant of de achterkant van een trede is gewone houtplamuur vaak geschikt. Kies een overschilderbare variant als je de trap daarna gaat verven.
Op het loopvlak en de rand van een trede krijgt de vulling meer te verduren. Gebruik daar een houtreparatiemiddel dat volgens de verpakking geschikt is voor belaste oppervlakken. Een tweecomponentenproduct, zoals een geschikte epoxy-houtreparatie, kan bij diepere beschadigingen een optie zijn. Je mengt daarbij twee delen voordat je ze aanbrengt.
Een diepe beschadiging vraagt niet vanzelf om één dikke laag. Sommige producten moeten in meerdere lagen worden aangebracht. Volg hiervoor de aanwijzingen op de verpakking, net als voor de droogtijd en de volgorde met grondverf.
Wil je de trap blank afwerken? Dan blijven geplamuurde plekken vaak zichtbaar, ook als de plamuur een houtkleur heeft. Test de kleur daarom eerst op een onopvallende plek.
Trap plamuren in vijf stappen
Je hebt een plamuurmes, geschikt vulmiddel, schuurpapier en een doek nodig. Bij een tweecomponentenproduct gebruik je ook een mengplankje en handschoenen.
- Maak de trap schoon. Ontvet de plekken die je wilt vullen. Verwijder losse verf, oude losse plamuur en lijmresten met een schraper of plamuurmes.
- Schuur de beschadigingen licht op. Schuur ook de directe omgeving, zodat de ondergrond schoon en stevig is. Maak de plekken daarna stofvrij.
- Vul de gaatjes en beschadigingen. Druk de plamuur met het mes goed in de opening. Trek het oppervlak zo vlak mogelijk af. Laat bij een diepe plek eerst een laag drogen als het product niet in één keer dik genoeg mag worden aangebracht.
- Laat de vulling drogen. Schuur pas als de plamuur hard genoeg is. Vooral op een loopvlak is het verstandig de reparatie ook vóór gebruik voldoende te laten uitharden.
- Schuur de plek vlak. Schuur de vulling gelijk met het hout en verwijder het stof. Voel met je hand of er nog een rand of kuiltje zit. Vul een kuiltje zo nodig opnieuw en schuur het na droging nog eens.
Naden en randen van de trap opvullen
Een gaatje midden op een trede kun je meestal goed vullen. Een naad tussen twee houten delen is lastiger: hout kan bewegen, waardoor harde plamuur daar kan scheuren. Gebruik voor een kleine, werkende aansluitnaad liever overschilderbare acrylaatkit. Kit is niet bedoeld om een gat in het loopvlak te vullen.
Ook de voorste rand van een trede is een kwetsbare plek. Is alleen een klein stukje beschadigd, dan kun je dit met een geschikt houtreparatiemiddel herstellen. Is de rand los, sterk afgesleten of is het hout zacht? Laat de trede eerst beoordelen en zo nodig herstellen. Een laag plamuur maakt een zwakke rand niet stevig.
Wanneer kun je de trap weer gebruiken?
Gebruik geplamuurde treden pas als de reparatie voldoende is uitgehard. Moet de trap ook nog worden geschilderd, dan heeft de verf daarna eveneens tijd nodig om te drogen en uit te harden. Die tijden verschillen per product.
Heb je tijdens het werk geen andere veilige route tussen de verdiepingen? Plan de klus dan op een moment waarop de trap tijdelijk niet nodig is. Zo voorkom je voetafdrukken in de plamuur en beschadigingen op pas herstelde treden.